Het is tijd, voor intersectionaliteit!

Dit artikel verscheen eerder op de website van artikel1 op 13 maart 2017, klik hier om naar de website te gaan.

Nu is het tijd. Tijd om als witte homoman even goed die hand in eigen boezem steken en kritisch te worden op onze positie in de huidige maatschappij. Ik heb heel lang zitten nadenken over dit artikel, omdat ik niet precies wist welke invalshoek ik moest kiezen die de visie van mijn opinie goed omvat. Het is tijd om als homoman je intersectioneel op te stellen, en juist daarom Artikel 1 te stemmen.

Kort uitgelegd houdt intersectioneel denken, bedacht uit noodzaak door Kimberlé Williams Crenshaw, een zwarte vrouw, in dat je niet individualistisch gaat kijken naar discriminatie of racisme maar onderling verbanden legt tussen verschillende vormen van onderdrukking en discriminatie (bijv. seksisme, homofobie of ableism) bij verschillende groepen in de samenleving. Een goed begrip daarbij vormt inclusiviteit. Waarmee wij als witte homomannen niet alleen kunnen strijden tegen homofobie, gericht op witte homomannen, maar ook verder kijken dan onze huidskleur. We kunnen niet meer dezelfde rechten eisen als hetero mensen en tegelijkertijd stemmen op een partij als de PVV of VVD die de rechten wilt ontnemen van andere minderheden. Het verkrijgen van onze vrijheid moet niet in de weg staan voor anderen.

Na de Stonewall Riots, waar intersectionaliteit ook een grote rol speelde, werd de emancipatie movement individualistisch, waar weinig ruimte was voor andere minderheden behalve witte homomannen en witte lesbische vrouwen. We kregen de kans om naar adem te happen onder het verderf van duisternis en geweld, maar door onszelf boven water te houden hielden we andere minderheden kopje onder. Daarom is het tijd om intersectioneel en inclusief te worden… nee, sorry, scrap that… het was jaren geleden al tijd: we lopen achter. Dit doordat we content zijn geworden met het beetje gelijkheid dat we hebben gekregen door de jaren heen. We hebben er genoegen mee genomen. We klampen ons vast aan de verkregen gelijkheid, maar hierdoor houden wij andere minderheden onder water, bijvoorbeeld moslims maar ook transgenders. Het is tijd voor echte gelijkheid, waar wij niet onze ruimte hoeven in te leveren voor anderen, maar waar juist ruimte gecreëerd wordt voor iedereen.

Representatie
Vanaf het begin toen Sylvana Simons aankondigde te beginnen met een nieuwe partij waren mijn ogen op haar gericht. In principe had ik als witte homohomoman al representatie in de Tweede Kamer, maar ik voelde weinige echt representatie. Zonder hun harde werk te ondermijnen en dat van vele straight allies, zag ik voor het eerst iemand in Simons die waarde hechtte aan dezelfde waarde als ik. Ondanks dat ik blij was met iemand die klaar stond om te vechten voor rechten van iedereen, was ik afwachtend, want eerst bewijzen dan geloven (en vooral, wist zij wel wat ik als homoman wou?). Gelukkig kwam dat bewijs snel, tijdens het COC-debat in de Rode Hoed sprak Simons het publiek toe en twee punten waren genoeg: 1) binnen Artikel 1 zijn alle letters van LHBT vertegenwoordigd en 2) Sylvana Simons bracht, in een volle zaal met haar politieke collega’s, zonder schaamte haar verleden als niet alleen bezoeker maar als onderdeel van het team in Club IT naar boven. Op dat moment wist ik dat Sylvana de capaciteit had om mij als witte homoman te representeren.

Ikzelf heb nooit begrepen dat je als witte homoman genoegen kon nemen met de ‘gelijkheid’ die je momenteel hebt. Afgelopen zondag zag ik in een video van Abdelkarim El-Fassi op De Correspondent een gesprek tussen Abdelkarim en Thijs. Thijs wist nog niet waar hij op ging stemmen, maar uit de stemwijzer kwam de PVV en ook veel andere homomannen die Thijs spreekt hebben veel rechtse standpunten (o.a. betreft migratie) door angst voor homofobie vanuit de Islam (zie De Correspondent voor het item). Ook Henri, uit de column van Salima Bouchtaoui op De Nieuwe Maan spreekt zijn voorkeur uit voor de PVV, wat Salima vooral verbijsterd doet stotteren: ‘maar ik dan?’ (check hier haar column). Blijkbaar proberen witte homomannen als Thijs en Henri zich zo vast te klampen aan hun verworven privilege tussen de witte hetero mannen en vrouwen van rechts dat ze de discriminatie en racisme van andere voor lief nemen.

Hand in eigen boezem
Natuurlijk is de angst van Henri en Thijs niet zomaar weg te wuiven, maar daar komt juist het belang van intersectionaliteit bij kijken. Want als we kijken vanuit het standpunt van Henri (Islam tegengaan want veel homofobie) sluiten we een hele grote groep uit: moslims en specifiek de queer moslims die lijden onder beide onderdrukkingen. Juist hierom is het belangrijk om alle facetten mee te nemen en je niet alleen te focussen op de homofobie waar wij last van hebben. Voor een gelijke samenleving, zijn gelijke rechten nodig voor iedereen. We moeten binnen onze eigen communities de discriminatie aanpakken maar samen sterk staan tegen die van de meerderheid (de witte hetero man). Door bijvoorbeeld het racisme aan te pakken binnen onze eigen LHBTQIA+-community maar samen sterk staan tegen de Islamofobie van de PVV. Het seksisme aanpakken binnen onze LHBTQIA+-community maar samen sterk staan tegen het institutionele racisme binnen de huidige maatschappij. Wij hebben verantwoordelijkheden die wij ondanks onze eigen onderdrukking niet mogen vergeten.

Artikel 1 is een partij die niet alleen vecht tegen racisme, maar ook Islamofobie, homofobie, transfobie, tegen discriminatie van mensen met een beperking en zo veel meer. Artikel 1 maakt dat juist mogelijk door zich intersectioneel op te stellen. Door partijleden van alle minderheidsgroepen bij elkaar te zetten en samen te strijden voor gelijkheid zijn ze zo inclusief mogelijk. Daarom stem ik Artikel 1, omdat ik een partij zie die strijdt voor gelijke rechten voor iedereen, iets waar ik als persoon voor sta. Want ik zou nooit kunnen genieten van mijn eigen gelijkheid als mijn moslimvrienden daardoor hun vrijheid zien verdwijnen. Juist daarom Artikel 1.